Altforst

Watersnood 1926

Watersnood 1926

Op oudjaarsavond 1925 kreeg de pastoor van Altforst het bericht dat de Maasdijk was doorgebroken en dat de klokken moesten worden geluid

In januari 1926 veroorzaken hoge waterstanden van de Maas en haar zijrivieren overstromingen in het rivierengebied

Watersnood 1926

Eenige merkwaardigheden omtrent deze parochie voorgevallen

De doorbraak van den Maasdijk te Overasselt had plaats op 31 December 1925 des morgens om 7 uur, op ene lengte van p/m 140 meter. Een ontvangen telegram om de noodklok te luiden en het volk te verzoeken om hoeven goed te ruimen.

1 Januari: Het water kwam om 10 uur op Altforst afgezakt, tegen 2 uur waren Heppard en de Woerd geheel overstroomd. Den geheelen nacht zijn de bewoners in de weer geweest om vee en huisraad te bergen, terwijl de bewoners der in het water staande huizen elders een onderkomen moesten zoeken, om het vee te redden ging met levensgevaar gepaard. Het water heeft den geheelen pastorietuin overstroomd tot aan de afrastering en de steenen stoep. Tegen den avond alhier geen was, omdat het water over den wal heenstroomde en alzoo een nieuwe uitweg vond naar Leeuwen, Dreumel, Alphen en Heerewaarden.

2 Januari: Het water staat een weinig hoger. Ingesteld eene watersnood comissie bestaande uit Pastoor Vz, T. Smolders h.d.s. Secretaris, Joannes Wijnakker en Willem v. Gemert Kerkmeesters. Bootjes gerequireerd uit Horssen. Met de bel van het torentje der Protestantse Kerk omdat de telefoon defect was.

3  Januari: Dezelfde toestand.

4 Januari: Het water aanmerkelijk gewassen, ter oorzake wijl de lager gelegen plaatsen van Maas-Waal, nl. Dreumel en Alphen enz. volgeloopen waren. Ik kon onmogelijk de Kerk bereiken en kom daarom de H. Mis niet opdragen. De straat vol hooi, vee en huisraad. Alles ondergeloopen behalve de huizen van De Dorpskom. De geheele nacht gewerkt om de huizen te doen ontruimen. Met dinamiet liet men een dijk te Dreumel springen om ontlasting van het water te krijgen. Op enkelen na huist de geheele bevolking in de kom, de school, prot. Kerk en pastorie. Geve God spoedig uitkomst, toestand kritiek.

5 Januari: Het water hier 15cm gewassen. De opening v.d. dijk te Overasselt 200 meter. Bij den doorbraak stroomt het water nog ½ meter naar binnen. Heden morgen groote consternatie om den was van het water, vele huisgezinnen vertrekken naar den dijk om alzoo verder te komen, anderen gaan naar Megen; men is bezig het vee hooger op te voeren. Twee pontons daarvoor komen uit Druten. In de school alwaar gisteren de vluchtelingen van De Woerd aankwamen, groote verwarring en gehuil. Bij mij eene kip verdronken. Kon hedenmorgen onmogelijk de H. Mis opdragen. Men hint (?) val op de groote rivieren. Het water staat in de dorpstraat hier. De achterste huizen hebben water in hun huizen gekregen. Bij de pastorie staat het halverwege de stoep, voor de pastorie in de straat lijkt het eene haven te zijn. Op ’t oogenblik liggen er zes schuiten om op en aan te brengen. Logies op de pastorie de volgende personen: Cornelis van de Zwaluw en Henrica van Anholt, beiden ziek. Verder Hermina de zuster van Jos van de Kamp en Mina Janssen-Steenberg vr. van Nol v.d. Kamp, die weer spoedig vertrokken is naar hare zuster (vr. J. v. Ooijen) wonende op den dijk aan de sluis. Het achterste gedeelte van de tuinheg t.o. staat nog even zichtbaar, waterhoogte p/m 2½ meter, de serre ¾ meter ondergelopen, ook den kelder. Boonstaken en alles wat los was is weggedreven ook de bank in het zomerhuis, kerkhof geheel overstroomd, ook de grafkelder vol water. Anne Mie van de Zwaluw met haar broer Hannes trachtte men naar Megen of elders te transporteren. Doch Hannes kreeg berouw en wilde uit het bootje springen. Men had groote moeite, hem te weerhouden, voor de pastorie met de boot aangekomen sprong Anne Mie pardoes in het water, wellicht uit vrees dat men die lui toch zou wegbrengen. Ze zijn beiden daarna naar de school getransporteerd alwaar ze bij de warme kachel hare kleeren kon drogen. Hannes had zijne papieren tusschen zijn vest verstopt.

6 Januari: De tijding heden morgen in de radio vernomen luidde: toestand ongunstig. Heden het geluk gehad in de Kerk de H. Mis op te dragen. Misdiennaars waren mijne bootslui Willem Janssen-Steenberg en Hendrik Peters. Gevaren vanaf de pastorie, over de binnenplaats naar een zijingang der kerk. De klokken opgedraaid, olie in de Godslamp gedaan, de h.h. olieën mede naar huis genomen.

De waterhoogte blijft om de pastorie stationair, ofschoon iets hooger dan gisteren, wellicht opgestuwd door den wind. Voor de voorzichtigheid Zaal en tuinkamer opgeruimd. Komt er geen was of doorbraak (Druten-Leeuwen) bij, dan blijft huis, Kerk en School droog. Op het Schoolplein staan de koeien te balken, dit staat half onder water. Booten varen op en aan. Muizen en mollen hebben den dood gevonden.

7 Januari: Wederom meer stroom en toestand minder gunstig. Men vreest voor doorbraak tussen Druten en Leeuwen. Heden is de Kerk ingericht om het vee te bergen. De banken losgeschroefd en in het presbiterium opgestapeld, in het schip stellingen gemaakt om het vee (64 stuks) aan te binden. O. Heer in de ijzeren Kast van de Sacristie gesloten. Een plankier aangelegd van de pastorie naar de school en schoolhuis. De school wordt ingericht een lokaal voor magazijn, het andere voor slachthuis, later voor woning. Reeds eenige huizen gedeeltelijk ingevallen. Nieuwe vluchtelingen ingenomen nl: Jan Hoogmoed, Goswina van de Zwaluw en hare tante Allegonda van de Zwaluw. Eenige huisgezinnen vertrokken. Morgen gaan er nog 30 en vee.

8 Januari: Toestand veel gunstiger, een handbreed val van het water. Eenige huisgezinnen naar elders getransporteerd. De hevige wind van gisteren en den nacht heeft aan vele huizen enorme schade toegebracht, geen huis is gespaard, vrees dat eenige zullen invallen. Indien de doorbraak bij Overasselt gedempt is, zal het water alhier spoedig verdwenen zijn. Heden eene varkenstent op het schoolplein gebouwd. In de pastorie van den dominé, die leeg stond, huizen boven en onder 40 personen, meestal inwoners van Heppard. Overal drijven klompenbomen, bij mij liefst zes, die tegen de pastorie aanbonzen, komende uit het bosch van Horssen, alwaar ze gerooid lagen, doch niet afgehaald, en zelfs dwars door het huis van meester Jan Elemans doorgedrongen waren, verder boonenstaken, riet, tussen kippen, varkens en hout.

9 Januari. Toestand v.h. water blijft gunstig. Joá v. Leur Vr. Janssen naar Megen getransporteerd met hare kinderen. De school ontruimd, een lokaal waar de varkens huisden gereinigd en dit lokaal bestemd voor magazijn, terwijl het andere lokaal bestemd blijft voor de inwoners.

10 Januari. Het water blijft vallen. De straat reeds droog vanaf de pastorie tot de protestantsche Kerk. Eenige inwoners keeren naar hunne huizen terug. Woerd. Vandaag p/m 50 koeien naar den dijk gezonden. De Kerk moet na ontruiming van het vee opnieuw gebenediceerd worden volgens het Pontificale Romanum waarvoor de Bisschop de machtiging heeft verleend.

Bezoek van den Z. Ew. Heer J Jacobs, pastoor van Puiflijk alwaar 14 huizen watervrij zijn. Uit Altforst zijn p/m 200 personen naar elders zodat er nog 150 overblijven.

Inspectie der huizen op Woerd, uitslag: de meesten zeer beschadigd, het water heeft daar groote schade aangebracht, en is vuil en troebel, zoodat het zeer schadelijk voor de gezondheid geworden is. Heden was het een dag vol emoties. Tegen den avond helder weer, veel wind, veroorzaakte sterken golfslag dat aan de reeds geteisterde huizen nog meer afbreuk veroorzaakt.

11 Januari. Inspectie in de Kerk gehouden. Bevonden, alles zeer en door en door vochtig: het altaar van O.L.V. verzakt, moet geheel hersteld worden en afgebroken. De protestanten maken veel kabaal over de beschadiging hunner Kerk, in vroeger jaren van de katholieken ontvreemd. In ’t begin van den watersnood was dit de eerste schuilplaats voor het vee, later moest men ruimen, omdat ook deze kerk onderliep. Om plaats voor het vee te maken, had men de oude vermolmde banken stuk geslagen om het vee te bergen, ook was er een paneel weg uit den preekstoel, doch ’t was toen groote nood, en de eerste schuilplaats voor het bergen van het vee.

12 Januari. In den nacht om een uur geroepen ter bediening van Piet Jansen Steenberg, die bij zijn broer Nol ziek lag. Daar het onmogelijk was om O.H. uit de Sacristie te halen (in den nacht) kon ik hem alleen het H. Oliesel toedienen. Om 9 uur echter gelukte het per boot en loopplank in de kerk te komen om O.H. te halen, wat de zieke met de grootste godsvrucht ontvangen heeft. Het water een handbreed gevallen. Aanvoer van steenkool en eetwaar. De bakkers kunnen hunne ovens wederom gebruiken. De huizen tegenover de pastorie in de straat zijn watervrij geworden. Deze zijn niet geheel en al overstroomd geweest, maar hebben water in huis gehad. Overigens dezelfde toestand.

13 Januari. Vijf gr. vorst. Het vee heeft de Kerk verlaten, eenige rappe handen hebben deze gereinigd, nl. het middelschip alwaar het vee gestald is geweest, om den volgenden dag de gangen en muren te reinigen. ’s Avonds vergadering van het comité.

14 Januari. Acht gr. vorst, eenig ijs in den kleder. De overtocht naar den dijk van het ijs gestremd, zoodat er geene brieven en couranten zijn aangekomen. De vorst doet nog meer schade aan de geteisterde huizen. Een militaire dokter heeft de zieken bezocht. Nieuwe regeling gemaakt aangaande de distributie. Gasketel voor den vorst gestopt. Het water twee handbreed gevallen. Om den vorst de reconsiliantie der Kerk nog uitgesteld om het ingevallen ijs is de Kerk ongenaakbaar van den kant van het Kerkhof.

15 Januari. Precaire toestand om het ijs. Gisteren geen post ontvangen. Heden is men met veel moeite en inspanning geslaagd den dijk te bereiken die de post medenam. Gisteren is deze verzonden met een officier van gezondheid, die na twee uren struikelend van den Maasdijk gekomen was om de zieken te inspecteren. Heden gingen eenigen naar de Woerd over het ijs, hun relaas was droevig, huizen deerlijk gehavend, huisraad, meubels, hooimijten weggedreven, enkele huizen zullen onbewoonbaar worden verklaard. Onze zieken in schuiloorden(?). Heden door het ijs gevallen, maar kwam op den harden grond terecht. ’t Is een raar gezicht al die groote ijskegels aan boomen en struiken. De sneeuw maakt het marcheeren over het ijs gevaarlijk.

16 Januari. Het water valt weg. Het stoomgemaal aan de Sluis in werking. Op het oogenblik is het eene onafzienbare ijsvlakte, die aan huizen, boomen enz veel schade veroorzaakt. In ’t magazijn eene heele partij kledingstukken en voedsel waren aangekomen. Wat er van de huizen nog overig was, door de vorst, grootendeels verwoest. Bij al die wederwaardigheden hebben de menschen in ’t algemeen de moed niet verloren, en hopen, dat alles, wel langzaam wederom terecht zal komen. Heden zooveel mogelijk den kelder geruimd waarin het water nog 2 palm hoger staat dan buiten. Hierin nogal aanzienlijke schade aangetroffen.

17 Januari. Heden nacht 4 uur Piet J. Steenberg overleden. De dag kalm voorbijgegaan. Heden morgen aan huis zeven personen de H. Com. uitgereikt. Na den middag in de Kerk alles in gereedheid gebracht voor de inzegening van morgen. Rondom de Kerk is het ijs weggehakt ten einde deze morgen met wijwater te kunnen besprenkelen. Eenige inwoners gaan hunne huizen op Den Wal bezichtigen, ze mogen er echter niet gaan wonen tenzij ze door deskundigen onderzocht zijn. Waarschuwing voor het drinkwater. Het water valt nu goed weg, terwijl alles met eene dikke ijskorst overdekt is. Men zegt, dat heden de doorbraak bij Overasselt gedicht zal worden. Drie gebouwen in de Kom hebben geen water binnen gehad nl: Kerk, pastorie en school. Deze zijn gebouwd op de hoogte van den doorbraak te Leeuwen in 1860.

18 Januari. Heden morgen de Kerk gereconsilieerd, daarna de H.Mis opgedragen. De Kerk vol stank om de daarin gestald geweest zijnde beesten. Wederom beginnen te luiden. De vorst was bij de benedictie zoo sterk, dat de wijwaterkwast reeds bevroren was alvorens wij den omgang om de Kerk gedaan hadden.

Het water staat nog een palm op den weg naar Puiflijk, bedekt met eene dikke korst ijs, even als geheel Maas-Waal op het oogenbik eene ijsvlakte is. Een begin gemaakt met het leeg pompen van den kelder. Allegonda van de Zwaluw naar haar huis vertrokken. De rozenkrans wordt gebeden in de school voor wijlen P. J. Stb. Het graf op een diepte van ¾ meter uitgegraven, verder gestaakt om het water. Den volgenden dag onder de uitvaartsmis hebben enkele personen het graf ter diepte van ruim een meter uitgediept, terwijl anderen onophoudelijk bezig waren het opborrelende water er uit te scheppen. Bij de plechtigheden op het kerkhof dreef de kist reeds in het water. Er zullen noodwoningen gebouwd worden tegenover de pastorie van den dominé. De assistenten bij de benedictie der Kerk waren drie zangers, nl Arnoldus Janssen Steenberg – Willems J.Sb. – J. Elemans, een helper F. Smolders en twee misdienaren met eenige parochianen.

19 Januari. Heden morgen P. J. Stb. Begraven, het was zoo koud dat de wijwaterkwast bevroor. De weg op de Wal wordt van het ijs bevrijd. De postbode gaat nog over het ijs vanaf den dijk door de Molensteeg.

20 Januari. Jan Hoogmoed en zijne nicht uit de pastorie vertrokken, komen echter nog slapen om de vochtigheid van hun huis. Heden uit Oldenzaal van dr. Essink f 125 ontvangen voor den watersnood. Vandaag lichten dooi. Velen gaan hun gehavende huizen opzoeken. De kelder geloosd, ’t zag er erbarmelijk uit, vele kapotte fleschen opgevist, alles bedekt met eene dikke laag slib en twee doode ratten.

21 Januari. De weg naar Puiflijk wordt vrij gemaakt van het ijs met het oog morgen op de komst van den Commissaris des Konings. Een kijkje gaan nemen in de gereformeerde Kerk, het ziet er daar allerakeligst uit omdat ze nog niet schoongemaakt is. Men heeft die vuiligheid expres laten liggen met het oog op de komst van de koningin om reclame te maken ten einde een groote subsidie te krijgen. Verder eenige bewoners gesproken die hunne geteisterde huizen bezocht hadden, de verwoesting is erg. Lichte dooi. Heden goeverneur verwacht.  Helaas Altforst vergeten. Ooggetuigen geven relaas van de verwoesting op de Woerd. Het uithangbord van den Kikvorsch gekocht door een Leids student voor f 10, om aldaar in hun café te prijken

24 Januari. Heden zijn de vluchtelingen die in de pastorie gelogeerd waren vertrokken. Een sterke dooi ingevallen. De weg vanaf De Sluis tot De Zwaluw vrij gemaakt. Vanaf het dominé’s huis over het ijs planken gelegd, is morgen wellicht om den dooi niet meer begaanbaar.

25 Januari. Zondag de H. Mis om 8 uur – De Hmis om half 10. De bewoners van de Woerd konden om den dooi niet ter kerke komen. Vele nieuwsgierigen van elders kwamen de ramp bezichtigen.

26 Januari. Het kippenhok in orde gemaakt en opruiming gehouden. Naar schatting van den hoofdleider van het bouwbureau zijn er in het door den watersnood in M.W. 525 huizen vernield, 600 beschadigd. In de gemeenten Appeltern, de 4 afdeelingen 151 vernield honderden beschadigd. De kosten worden geschat op 4 milioen aan bedrijven en huisgerei.

18 maart. De Koningin heeft Altforst bezocht met gevolg, heeft de protestantse Kerk in oogenschouw genomen, maar de Kat. Kerk werd gepasseerd. Haar verblijf alhier duurde een kwartier, sprak met eenige omstaanders een kort woord en vervolgde hare reis.

Nota. De onkosten voor het herstel der Kerk, lijkenhuis, kerkhof, pastorie en school hebben beloopen 4498 gulden, hiervan vergoeding ontvangen f 3000. D.G. P. A.J. van Heijst, parochus huius loci.

Watersnood 1926 Wikipedia

Voor meer foto’s zie Tweestromenland

De intertijd gemaakte filmopname geeft een indruk van de gevolgen voor het gebied

Scroll naar boven